VIDEO: LIBELLEN IN NEDERLAND

klik op foto's om het volle beeld in een extra scherm te openen (30-60 K)
Bekijk een vliegende venglazenmaker eens beeldje voor beeldje: voor- en achtervleugel gaan onafhankelijk! (Quicktime 284 K, 2.5 sec in werkelijkheid. Korter: 120 K. Quicktime kan je simpel ophalen.)



gewone pantserjuffer

[photo]

variabele waterjuffer

[photo]

grote roodoogjuffer

[photo]

venglazenmaker

[photo]

zwarte heidelibel

[photo]

bruinrode heidelibel

[photo]

venwitsnuitlibel

[photo]

maanwaterjuffer

[photo]

watersnuffel

[photo]

vroege glazenmaker

[photo]

bruine korenbout

[photo]

geelvlekheidelibel

[photo]

bruinrode heidelibel

[photo]

De video

Mei 1998 zijn Tieneke de Groot en ik (Odon dus) begonnen met het maken van een video met zoveel mogelijk van onze libellensoorten. We wilden bovendien zoveel mogelijk variatie in hun tekening laten zien, zoveel mogelijk van hun levenscyclus en zoveel mogelijk gedragingen. Een bewegend plaatjesboek met al onze soorten dus. Na drie zomers vonden we dat we genoeg hadden om aan het monteren te gaan, maar ook besloten we toen al dat we elk jaar een betere versie zouden maken.
Toen viel de camera in het water... We wisten intussen wat de minpuntjes van de camera waren en hebben een betere gekocht zodat we geheel digitaal konden werken. Helaas bleken de oude en nieuwe beelden toch niet goed te mengen, en daarom zijn we alles opnieuw gaan doen. Nu, begin 2005, hebben we beelden van 56 soorten (van de 71 ooit in Nederland waargenomen soorten), maar we benutten de komende zomer nog voor aanvullingen. Een paar zeldzaamheden ontbreken, maar ook van een paar gewone soorten hebben we nog te weinig, nemelijk de soorten die zo zelden gaan zitten.
Winter 2005/2006 gaan we de definitieve versie maken die een klein uur zal gaan duren. En die zullen we ook op DVD uitbrengen. We willen proberen de prijs laag te houden, de kosten komen er toch nooit meer uit... We komen de film trouwens graag vertonen, al dan niet met een lezing erbij of een filmpje over een speciaal aspect. We hebben een korte film over de levensloop van de zwarteheidelibel, filmpjes per biotoop, quizjes en nog zo wat.


De geluiden

We hebben een behoorlijk afwijkende manier van videomaken. Er zit bijvoorbeeld geen drama in. In heel veel natuurfilms gaat het aldoor om eten en gegeten worden. Door gewiekst monteren wordt er van alles gesuggereerd, maar in werkelijkheid gebeurt dat allemaal nauwelijks. Wat wij willen laten zien is wat er zich allemaal voor je neus afspeelt als je op je knieën gaat zitten kijken. Met enig geduld krijg je dan heel veel te zien. En te horen. De achtergrondgeluiden zijn geluiden van dezelfde plek en van dezelfde dag als de beelden (afgezien van een heel enkele uitzondering). Libelles maken zelf geen geluid op wat vleugelgeritsel en geknaag na, maar de omgeving zit vaak vol geluiden. Zo zijn er nu geluiden van 60 vogelsoorten te horen, maar het is heel moeilijk om die er allemaal uit te pikken! Verder staan er geluiden van 9 soorten sprinkhanen op en van alledrie de soorten groene kikker. En veel windgeruis. Zo is het buiten.
Het is een video zonder gesproken commentaar, je wordt helemaal ondergedompeld in natuurbeelden en -geluiden. Ook geen muziek om de dramatiek te verhogen, dus geen violen bij paringen!


De camera

We zijn begonnen met een Hi-8 camera. Heel behoorlijke beelden, goed geluid. Toen ging ik opnames van de groene glazenmaker maken. Libellen zitten meestal langs het water en ik zocht deze soort langs een sloot bij Het Hol, een prachtig laagveenmoeras op de grens van Utrecht en het Gooi. Ik zag een mannetje gaan zitten, gauw de rugzak af (alle apparatuur past in een rugzak, we doen alles met de fiets of het openbaar vervoer), statief opzetten, camera erop. Nog even een voorzetlens pakken bij de rugzak, ik draai me weer om naar de camera en zie die tergend langzaam het water in kukelen. Een poot zakte misschien in een mollegang. Een snoekduik van mij mocht niet baten, anderhalve seconde slechts is de camera te water geweest, maar total loss was ie wel. Het water kwam uit alle gaten en kieren en daar kan zo'n stukje hoogwaardige techniek niet tegen. Nu zit er dus een touwtje aan de achterste poot van het statief met een tentharing eraan.
Intussen wisten we wel wat de feilen van de Hi-8 camera waren en hebben we een betere gekocht. Digitaal, een CCD (opnamechip) per kleur, optiese beeldstabilisatie. En prijzig.
Voor dichtbij-opnamen zijn we voorzetlenzen gaan gebruiken, die veel beter werken dan de zogeheten 'macro-instelling' van de camera zelf.



Bij de foto's op deze pagina

Een aantal beeldjes uit de video doet het ook als foto goed. Door op een plaatje te klikken kan je het volledige beeld zien, 720 pixels breed.
Gewone pantserjuffer Lestes sponsa, bovenaan links. Een mannetje dat nog net niet helemaal berijpt is. In deze fase is het onderscheid met de tangpantserjuffer het moeilijkst.
Maanwaterjuffer Coenagrion lunulatum, rechtsboven. Volwassen mannetje, opgenomen met de oude camera, zie de ruis in het beeld.
Variabele waterjuffer Coenagrion pulchellum, links. Paringen zijn bij veel soorten redelijk gemakkelijk op te nemen, bovendien toont het beeld dan meteen mannetje en vrouwtje.
Watersnuffel Enallagma cyathigerum, rechts. Een piepjong mannetje. Na het verlaten van de larvenhuid worden de velugels en het achterlijf opgepompt. Hier kan je goed zien dat het achterlijf grotendeels hol is, de ingewanden zijn nog niet gevuld.
Grote roodoogjuffer Erythromma viridulum, links. Als je een libelletje op een waterlelieblad ziet zitten kan je er bijna blindelings van uitgaan dat het een grote roodoog is. Het blad is nogal aangetast, de insectenlarven die dat veroorzaken zie je bovenin.
Vroege glazenmaker Aeshna isosceles, rechts. Een vrij jong mannetje, waarvan de linkerachtervleugel niet helemaal goed opgepompt is. Dit hoeft het vliegvermogen niet aan te tasten.
Venglazenmaker Aeshna juncea, links. Een net uitgeslopen mannetje, met het larvenhuidje erbij. Piepjonge beesten zijn vaak gemakkelijk te filmen, dus die zitten volop in de video.
Bruine korenbout Libellula fulva, rechts. Een mannetje dat nog niet helemaal uitgekleurd is. Het achterlijf is eerst helemaal oranje, maar wordt later helemaal lichtblauw. In de vlucht mengen die kleuren zich tot iets paarsachtigs.
Zwarte heidelibel, Sympetrum danae, links. Een larf tijdens het uitsluipen. De kophuid is net gebarsten, de gele vlekjes links en rechts van het midden zijn vers. Het borststuk is er dan al voor een flink deel uit, bij het achterlijf zie je vaag dat de huid van de voorste helft al los van de larf gekomen is.
Geelvlekheidelibel, Sympetrum flaveolum, rechts. Een vrij jong mannetje.
Bruinrode heidelibel, Sympetrum striolatum, links. Een jong vrouwtje met de voor jonge libellen zo karakteristieke glans van de vleugels.
Bruinrode heidelibel, Sympetrum striolatum, rechts. Volwassen mannetje.
Venwitsnuitlibel, Leucorrhinia dubia, links. Een volwassen mannetje dat gevaarlijk dicht bij zonnedauwplantjes zit.



Weia Reinboud (weia@antenna.nl) (Bekijk mijn indexpagina als die nog niet open is. En kijk ook naar Tieneke's pagina !)